Champignonteelt

De plaats van de champignon in het plantenrijk

De plaats van de paddenstoel in het plantenrijk

Champignons zijn de vruchtlichamen van een schimmel, zoals appels de vruchtlichamen zijn van de appelboom. Champignon is een soort paddenstoel, met de Latijnse naam Agaricus bisporus. Andere gekweekte paddenstoelen in Nederland zijn de oesterzwammen (Pleurotus ostreatus) en de shiitake (Lentinula edodes).

Champignons worden in het plantenrijk ingedeeld bij de heterotrofe organismen (lagere planten). In tegenstelling tot de hogere, groene planten zijn deze heterotrofe niet in staat tot fotosynthese. Schimmels zijn de opruimers in de natuur. Ook in de champignonteelt worden afval producten, zoals kippenmest, paardenmest, stro, gips en afvalwater (van de eigen compostering) gebruikt voor het maken van een hoogwaardige substraat, waaruit de champignons gaan groeien. Ook de ammoniak wordt door middel van ammoniak wasser uit de proceslucht gehaald voordat het de natuur in gaat. Zelfs de ammoniak uit de lucht wordt gebruikt als stikstofbron in de compostering. De schimmel, ook wel mycelium genoemd, gebruikt de compost als energiebron voor zijn verbrandingsproces, waarbij energie vrijkomt die hij gebruikt om de te groeien.

Champignons zijn goed voor je gezondheid.

Champignons zijn goed voor de gezondheid. Ze bevatten weinig calorieën, maar zijn rijk aan vezels, vitamines en mineralen. In onderstaande tabel staat de voedingswaarde per 100 gram champignons in vergelijking met groente.

Champignons
(ongekookt)
Groente (ongekookt)Champignons
Gefrituurd
Groente gekookt
Kcal14145429
Protein (gr)2.312.61.8
Fat (gr)0040.3
Fibre (gr)1.51.32.52.7
Vitamin B2 (mg)0.300.030.290.07
Vitamin B3 (mg)40.43.80.6
Folic acid (ug)3220836
Vitamin C (mg)48116
Potassium (mg)400230410247
Phosphorus (mg)1252810146
Magnesium (mg)9101215
Iron (mg)0.20.40.30.6
Copper (mg)0.720.040.290.06

tabel 1: voedingswaarde champignons

Champignons bevatten extra veel vitamanie B2 en vitamine B3. Deze vitamines zorgen voor de stofwisseling en voor het vrijmaken van energie uit koolhydraten, eiwitten en vetten. Vitamine B2 is ook nodig voor een gezonde huid. Foliumzuur is nodig voor groei en de aanmaak van bloed. Het is één van de weinige vitamines waarvan we gemiddeld genomen te weinig binnen krijgen uit onze voeding. Kalium is nodig voor een goede bloeddruk en voor het functioneren van je spieren en zenuwen. Fosfor zorgt voor gezonde botten en tanden en ook voor de energiestofwisseling. Koper is nodig voor je afweersysteem, zenuwen en voor de opbouw van lichaamscellen. Al deze voedingswaarden komen in hoge concentraties voor in de champignon.

Inleiding

Champignons groeien op compost. De compost wordt bereid op gespecialiseerde bedrijven. Vanaf het moment dat de grondstoffen gemengd worden tot aan het afleveren van compost aan de productie kwekerijen, duurt vier tot zes weken en dit is afhankelijk van grondstoffen en het systeem op het compostbedrijf.
Als de compost op het productie kwekerij is aangebracht, duurt het nog 16 tot 20 dagen voordat er begonnen kan worden met het oogsten van champignons. Er wordt gedurende twee tot drie weken geoogst. Daarna is het niet rendabel meer om verder te oogsten.

Composteer-schema

In onderstaand schema kun je de verschillende fasen aflezen. Al deze fases vinden plaats op het compostbedrijf.

Fase I, het maken van verse compost

Afhankelijk van de grondstoffen duurt deze fase minimaal 3 tot zelfs 18 dagen. De belangrijkste doelen in deze fase zijn:

Het mengen stro of paardenmest (dit kan voor een groot gedeelte het stro vervangen), kippenmest, gips en water, zodat de compost homogeen wordt;
het ontsluiten van het stro, zodat het stro water opneemt en de schimmel van de champignon, het mycelium, in het stro kan groeien.
Na deze fase wordt de compost “fase I-compost” , “verse compost” en vroeger ook wel “groene compost” genoemd.

Fase II, pasteuriseren en conditioneren

De compost wordt in afgesloten ruimte gevuld. De afgesloten ruimte bestaat uit een roostervloer, waarop de compost ligt. Door deze vloer wordt geconditioneerde lucht geblazen. De ruimte waarin de compost gevuld wordt, heet een tunnel. Het eerste deel bestaat uit het pasteuriseren, dit is het ziekte vrij maken van de compost, in het tweede proces in de fase II wordt de compost geconditioneerd, waarbij de ammoniak uit de compost wordt omgezet. Na deze fase wordt de compost “fase II-compost” of “entbare compost” genoemd.

Myceliumgroei in de compost

Na fase II, wordt de compost uit de tunnel gehaald en gemengd met broed. Broed bestaat uit speciaal geprepareerde graankorrels wat doorgroeit met het champignonmycelium. Vanaf het broed groeit het mycelium door de compost heen. Dit proces duurt minimaal 14 tot 18 dagen. Op het einde van deze fase wordt de compost “fase III-compost” of “doorgroeide compost” genoemd. Deze fase vindt zowel op het tunnel-bedrijf plaats in dezelfde ruimte waar de fase II wordt uitgevoerd of op de productie kwekerij. In Nederland en de meer ontwikkelde champignon landen vindt deze fase plaats op het compost bedrijf.

Het teeltschema

In het onderstaand schema staat het teeltschema op een champignonkwekerij.

Het vullen van de cel.

De fase-III compost wordt naar de kwekerij getransporteerd. Op de kwekerij wordt de teeltcel gevuld met compost met een speciale vulmachine. Een teeltcel is een geklimatiseerde ruimte met stellingen. Tijdens het vullen wordt de compost in een laag van 20 cm met daarop een laagje van 5 cm dekaarde op de compost gelegd. Deze laag wordt in de stelling van de teeltcel getrokken. Dekaarde bestaat uit een mengsel van veen, die door gespecialiseerde bedrijven is gemengd. Op kwekerijen waar de fase III zelf wordt gedaan, blijft de compost in de cel, maar wordt er na 14-18 dagen een laagje dekaarde op de compost gelegd.

Myceliumgroei in de dek-aarde en herstelgroei

Na het vullen van de cel en/of afdekken van de compost, gaat het mycelium vanuit de compost in de dekaarde groeien. Dit proces duurt 4-7 dagen. Tijdens de myceliumgroei in de dekaarde wordt er water gegeven op de dekaarde. Door het geven van water in de myceliumgroei fase, kan het mycelium niet naar de oppervlakte van de dekaarde groeien

Na myceliumgroei in de dekaarde vindt de herstelgroei fase plaats. Deze fase duur 1 tot 2 dagen. In de herstelgroei fase, wordt geen water gegeven en een vochtig, warm klimaat (zomer) gecreëerd. Door dit klimaat groeit het mycelium naar de oppervlakte van de dekaarde.

Afventileren

Als het mycelium naar de oppervlakte is gegroeid, begint de kweker met afventileren. Het afventileren is het nabootsen van de herfst. Door koudere lucht en lagere CO2 gaat het pluizige mycelium samentrekken. Als het mycelium zich heeft samen getrokken, vormt het na ongeveer 5-6 dagen na het afventileren knopjes. Deze knopjes (zo groot als speldenknoppen) zijn de primordia van de champignon. Deze periode wordt de knopvorming genoemd. Daarna wordt de Relatieve Vochtigheid (RV) in de cel langzaam verlaagd, zodat de knoppen beginnen uit te groeien tot champignons. Van knop tot oogstbare champignon duurt 5 tot 7 dagen. De periode na knopuitgroei wordt soms ook “fase IV” genoemd.

Oogst van de champignons

Het oogsten van champignons gaat in “vluchten”.
• De eerste vlucht wordt geplukt in 3 tot 5 dagen en brengt 15 tot 20 kg/m2 op. Als de champignons machinaal, in één handeling geoogst worden, brengt dit 22 tot 26 kg/m2 op.
• De tweede vlucht komt na ongeveer 5-7 dagen en brengt iets minder aan productie, 9-11 kg/m2 voor hand oogst, 10-15 kg/m2 voor machinale oogst.
• De derde vlucht brengt nog hooguit 10-15% van de productie, en is van mindere kwaliteit want de ziekten en plagen nemen zeer sterk toe. Afhankelijk van de economische situatie wordt er nog een derde vlucht geoogst. Het duurt ongeverer 6 tot 8 dagen voordat de derde vlucht geoogst kan worden. Tijdens handoogsten wordt de vlucht in 2 dagen geoogst. De totale productie ligt tussen de 27 en 35 kg/m2. Hand geoogste champignons kunnen vers bewaard en geconsumeerd worden. Machinaal geoogste champignons worden in één keer geoogst en direct verwerkt en geconserveerd.

Stomen

Aan het einde van de teelt kan de teeltruimte en de uitgewerkte compost in het geheel nog opgewarmd worden tot 70 C. Dit voor minimaal 8 uur, om alle ziekten en plagen af te doden. Het doodstomen wordt om economische reden vaker achterwege gelaten en alleen toegepast als er ziekten of plagen aanwezig zijn. Na het oogsten en doodstomen wordt de compost uit de cel gehaald en kan na het schoonmaken van de cel weer een nieuwe teeltcyclus gestart worden.

Deze website maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u de beste ervaring op onze website krijgt.